Coronaprotocollen werkbaar houden

nieuwe opgaven voor veiligheidskundigen als bedrijven ‘dóór moeten’


Wat nog draait wil voort, zolang het kan. Vitale diensten móeten door, zelfs als het eigenlijk niet kan. Bedrijven die nog operationeel zijn werken met aangepaste planningen en roeien met de riemen die ze hebben. Ze worden gehinderd door ziekmeldingen, beperkingen van het thuiswerken, gebrekkige toelevering en een lastig coronaprotocol dat de uitvoering van vooral het fysieke uitvoerende werk dwarszit. Denk aan de industrie en de bouw, waar de anderhalve meter uit het coronaprotocol héél lastig kan zijn. De veiligheidskundige zit menigmaal thuis te werken of heeft het moeilijker dan ooit bij het handhaven van de arbeidsveiligheid. Wat vindt Inspectie SZW van coronamaatregelen? Ook de handhaver houdt afstand.

Tijdens de coronacrisis doen bedrijven onder grote druk dingen die ze niet gewend. Ze geven medewerkers nieuwe taken, ook als ze daar minder ervaring mee hebben. De bereidheid om die nieuwe taken op te pakken is groot. Dat is te prijzen, maar het heeft gevolgen voor de arbeidsveiligheid. ‘Invallers’ kennen de gangbare veiligheids- en werkprocedures nog niet en hebben óók rekening te houden met besmettingsrisico’s. Dat geldt bijvoorbeeld voor werknemers die in teams werken. Ze zijn drukker dan ooit, mede doordat veel snotterende collega’s noodgedwongen thuisblijven. Tijdelijke hulp van minder ervaren krachten die elders beschikbaar waren betekent méér instructie en geduld. Taken die concentratie vergen zijn vaak al riskant genoeg zónder een rookie als assistent en zonder coronaregels.

Nieuwe afwegingen

De zorgsector is de eerste branche die zich breed heeft verdiept in de nieuwe risico’s, net als de professionele hulpdiensten, die eensklaps ook besmettingsrisico’s moeten afwegen en hun procedures daarop aan moeten passen. Zij behoren onbetwist tot de vitale beroepsgroepen en moeten door waar anderen mogen of moeten stoppen. Geleidelijk aan beginnen ook andere branches praktische maatregelen te nemen, soms zeer rigoureus, zoals het geheel stoppen met bepaalde diensten. De horeca- en evenementensector is op last van de overheid stilgelegd, scholen zijn gesloten, sportclubs idem. Dienstverleners die hun beroep niet zonder fysiek contact kunnen uitoefenen zoals sekswerkers, fysiotherapeuten, masseurs, kappers en pedicures staken hun werk massaal, met soms schrijnende gevolgen voor henzelf en voor hun klanten.

Vitaal of niet

Intussen vragen anderen zich af of hun werk van ‘vitale’ aard is én of ze het zich persoonlijk kunnen veroorloven om te stoppen: het is het dilemma van onder andere taxichauffeurs, rij-instructeurs en vele gastarbeiders. Voorlopig zijn we het erover eens dat bijvoorbeeld nutsbedrijven, (voedsel)transporteurs, garagebedrijven, tankstations en IT-experts voor het handhaven van mobiliteit en communicatiekanalen onmisbaar zijn, naast de eerder genoemde zorgsector en de hulp- en nooddiensten. Hoe vitaal een dienst of functionaris is komt vaak pas aan het licht als die uitvalt. Het is een geforceerde shake-out van bullshit-jobs; pijnlijk voor de soms hoogbetaalde consultant die op korte termijn niets vitaals toevoegt.

Werkprocedures en coronamaatregelen

Bij hoogrisicotaken is werken met twee mensen een van de veiligheidsvoorschriften. Het coronaprotocol heeft daar nu de anderhalve meter lijfelijke afstand aan toegevoegd. Veel productiewerk blijkt nauwelijks uitvoerbaar conform de coronarichtlijnen. De afstand tussen vaste bedienposities is te klein, objecten zijn te zwaar om alleen te tillen, soms moet één werknemer iets vasthouden terwijl de ander het vast- of losschroeft. Mensen leggen elkaar dingen uit op een tablet, die dan van hand tot hand gaat of ook door de ander wordt aangeraakt. Besmettingsrisico’s frustreren de soepele voortgang. Bezorgers mogen eigenlijk geen deurbel meer aanraken. Meetinstrumenten, materialen en gereedschappen gaan van hand tot hand en handschoenen zijn maar een beperkt effectieve maatregel. Voor je het weet breng je met je besmette handschoen tóch een virus over naar je oog of je neus of heb je ze niet aan bij het touch-screen, want dat reageert niet met dikke handschoenen aan. En als je er een ontsmettingsdoekje overheen haalt heb je meteen alle knoppen ingedrukt en zit je vast in een nog niet eerder bezocht configuratiemenu. Niet alle bedienpanelen hebben een voorziening om ze te vergrendelen en telkens uitzetten van een machine is geen fijne optie. Het zal maar een beademingsapparaat zijn of een ketenproces. Deskundigen mogen in allerijl bedenken waar risico’s zitten en hoe die kunnen worden beheerst.

Inspectie SZW over coronaprotocollen en handhaving

De Veiligheidskundige signaleert – net als anderen – dat het Ministerie van SZW niet uitgebreid ingaat op coronabesmettingsrisico’s. ‘Het bieden van een veilige werkplek behoort tot de verantwoordelijkheden van de werkgever en een gedetailleerde invulling van de richtlijnen van overheid door ons zou alleen maar verwarring veroorzaken’, zegt woordvoerder Paul Q. van den Burg van de Inspectie SZW op 24 maart 2020 tegen ons. ‘Als u wilt weten hoe de bouwsector omgaat met de nieuwe risico’s dan kunt u bijvoorbeeld bij Bouwend Nederland terecht.’

Maar ISZW ziet toe op arbeidsveiligheid. In de bouw is het werk op steigers niet te combineren met de regel om 1,5 meter afstand te handhaven. Samen schaften in een keet kan ook niet meer.
Van den Burg: ‘Die anderhalve meter betreft een richtlijn. Daar houd je je aan waar het mogelijk is. Wij gaan er vanuit dat iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt. Dat doen we zelf ook waar we onze eigen inspecteurs op pad sturen.’

Handhaaft de Inspectie ook de coronaregels?
Van den Burg: ‘In principe sanctioneren wij niet op overtredingen van de corona-richtlijnen. Voor onze inspecties op locatie hebben wij al in een eerdere fase ‘het nee-tenzij-principe’ ingevoerd: wij verschijnen alleen op locatie waar het ernstige arbeidsongevallen en arbeidsuitbuiting betreft. Dan bedoel ik niet als er een half uurtje langer wordt doorgewerkt dan toegestaan, maar echt de strafrechtelijke gevallen.’

Doet de Inspectie iets met meldingen van overtredingen van coronarichtlijnen?
Van den Burg: ‘Het aantal meldingen valt reuze mee en het betreft in de meeste gevallen werk in kantooromgevingen. Als wij denken dat een melding gegrond is dan nemen wij eerst telefonisch contact op met het betreffende bedrijf. Meestal is een goed gesprek mogelijk en wordt er actie ondernomen.’

Zijn er aan- of invullingen of directieven te verwachten van ISZW?
Van den Burg: ‘Richtlijnen of directieven maken wij als uitvoeringsorganisatie sowieso niet. De spelregels voor veilig en gezond werken zijn niet veranderd. Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever om een veilige werkplek te bieden. De twee officiële kanalen voor informatie over corona zijn rijksoverheid.nl en rivm.nl. Zodra wij ook informatie of afgeleide directieven zouden gaan publiceren dan zouden we die telkens moeten aanpassen en eerder ruis toevoegen dan wegnemen.’

Bedrijven die nog doorwerken hebben te maken met hectiek en personeelsproblemen. Er wordt met personeel geschoven en dat kan betekenen dat er nieuwe taken door weinig ervaren krachten worden uitgevoerd. Dat zou kunnen leiden tot meer arbeidsongevallen.
Van den Burg: ‘Het risico dat u signaleert is zeker ongewenst en moet dus worden voorkomen. Als werknemers niet goed op de hoogte zijn van risico’s doordat ze niet vertrouwd zijn met bepaalde werkzaamheden of onvoldoende zijn opgeleid dan zouden die dat werk niet moeten doen. Ook op dat punt is er niets veranderd.’

Werkgevers vullen verantwoordelijkheid in

Werkgevers zullen zelf aan de slag moeten met de uitwerking en implementatie van coronarichtlijnen. Daarvan zijn al vele voorbeelden. Pauzes worden gespreid, werknemers of publiek beperkt en gedoseerd toegelaten. Er worden extra voertuigen gehuurd als teamleden samen naar een werkplek reizen en er zijn verschillende ‘contactloze’ werkwijzen bedacht voor uit te voeren werkzaamheden. Winkels hebben een deurbeleid, contant geld gaat in de ban, werknemers worden onderling en van publiek afgeschermd met plexiglazen vensters boven klantenbalies, tussen bedienplekken van machines en bij kassa’s. Markeringen op vloeren van wachtkamers en publieksruimten moeten zorgen voor handhaving van een minimale afstand van 1,5 meter tussen aanwezigen. Werkgevers en brancheorganisaties bedenken regels en oplossingen voor problemen waar de werkvloer mee te maken heeft. Alles in de hoop dat hun inspanningen in elk geval voorlopig de continuïteit waarborgen. Opdat corona niet alle processen stuit. We leven in een nieuwe werkelijkheid en hopen dat het virus snel wordt teruggedrongen.
Home
Cookies zijn essentieel voor een goede werking van deveiligheidskundige.nl. Door op oké te klikken geeft u toestemming voor het gebruik van cookies op deze website.