Column: Dakdekkers zonder vrees, (maar mét blaam)

Scheurwater en Gortworst B.V. gaat als een tierelier. Gortworst heeft kans gezien om de oorspronkelijke onderneming, Ons Bedrijf, naar de gallemieze te helpen via een constructie die hij het ‘nekslagfonds’ noemt. Ik ben geen expert in liquidaties, maar het komt erop neer dat hij Ons Bedrijf zware financiële verplichtingen aan heeft laten gaan, vooral bij Scheurwater & Gortworst. Als tegenprestatie heeft S&G onder andere het personeel en vele andere zorgelijke assets overgenomen van Ons Bedrijf. In ruil heeft Ons Bedrijf zóveel compensatiebetalingen verricht dat het laatste restje kapitaal eruit werd geperst en het leeg achterbleef; nét niet failliet, want dat zou gedoe geven met een curator. S&G bestond op papier precies lang genoeg om óók voor de Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid in aanmerking te komen. Ik sluit niet uit dat er op die manier dubbel is geprofiteerd van ‘s Rijks Regelingen: Gortworst is een genie waar het op creatieve omgang met subsidies en steunmaatregelingen aankomt.

Intussen heeft het management van Ons Bedrijf/S&G alles aangegrepen om ook praktisch aan het werk te blijven. Sjef Scheurwater was langdurig op vakantie, medium budget, in een chalet van ene Jean-Claude Biarritz, vakantiehuisjesmelker en lid van de Rotary. Helaas voorzien van internet, waardoor hij zich voortdurend virtueel kon bemoeien met onze werkzaamheden. Mijn mandaat betrof de praktische aansturing van Ons Lege Bedrijf én de binnendienst van werkmaatschappij c.q. rechtsopvolger Scheurwater en Gortworst B.V. Een klusje dat me emotioneel zwaarder viel dan verwacht. Ik had sterk de behoefte aan een gesprek met de vertrouwenspersoon, maar dat kwam slecht uit, want dat ben ik zelf.

Stapel stenenVan Gortworst had ik geen last, want die nam zijn vakantie te baat voor een cursus mindfulness, ergens in een Drents plaatsje dat geheel drijft op het toerisme. Het decor bestaat er uit zorgvuldig gerestaureerde hunebedden (men stapele met de kraan wat keien op eenander en zette er een bordje bij) en een kudde Drentse heideschapen, die tot vervelens toe over de Dorpsstraat heen en weer worden geleid, door een parttimer, gehuld in jute. Vroeger was dat een melkertbaan, daarna instroom/doorstroom en nu wordt de doorstroom gehinderd door een voormalig wethouder met afstand tot de arbeidsmarkt en een doos pillen om de onwillige schapen te drogeren. Die weg waarop de twee-maal-daagse folklore zich aan de gapende toerist ontvouwt is tevens de preferente route voor doordaverende mestoverschotten uit Brabant. Vanwege het rustiek golvende plaveisel hoeft de dorpssmid zijn hamer nauwelijks met spierkracht te lichten bij het omsmeden van Schoonebeeks oudijzer tot sierhoefijzers en scharnierstukken voor dorsvlegels. Dat die licht radioactief zijn deert niet omdat de producten voorbestemd zijn om hoog aan wanden van pittoreske vakantiestulpjes of bouwmarktschuurtjes te worden gespijkerd.

Het binnenlands toerisme draait in onze oostelijke regio als een tiet. Alle bij de VVV als coronaproof aangeprezen, altijd ruime en/of riante groepsaccommodaties in landelijke sfeer zijn voor de rest van het seizoen volgeboekt. Vlak voordat de vakantie losbrak hadden Scheurwater en Gortworst het gat in de markt al gesignaleerd. De lijnen waren weer kort. Projectmanager De Bom joeg zijn ouders én zijn schoonouders uit hun respectievelijke familieboerderijen met een (voor hem) lucratief verbouwplan. Erdal en Mo werden ’s nachts ingezet om her en der alvast een dakpan te verleggen, wat zorgde voor vlotte instemming van de ouderen met hun verhuizing naar een ‘levensloopbestendige bungalow’ (of een stacaravan die niet precies boven het bed lekt).

Formeel had ik de leiding over de productie van Ons Bedrijf. Daardoor onttrokken de buitenprojecten van De Bom zich aanvankelijk buiten mijn zicht. Ik hoorde er pas van toen ik bij Lonneke navraag deed over opvallende leegheid van ons parkeerterrein en onze werkvloeren. Dat had ik beter niet kunnen doen. Wat ik nóg beter achterwege had kunnen laten was het bezoeken van de bouwplaatsen. Diesel Tinus, van wie ik bijna dacht dat hij met pensioen was, bleek projectleider bij de verherbouwing van boerderij A. De Bom deed zelf boerderij B, omdat daar asbestverdenkingen moesten worden bestreden.
DakOnaangekondigd op werkbezoek dus, want De Bom was onbereikbaar op zijn nulzes. GertJan Sneefhuijzen, constructeur en interim-projectmanager, was getuige geweest van ‘het missertje’ dat oorzaak was van de onbereikbaarheid: De Boms smartphone was gesneuveld tijdens zijn werkinstructie. Hij had, zo vertelde Sneef mij in de directiekeet, direct na de projectstartmeeting willen demonstreren hoe draagkrachtig het honderd jaar oude dak van project B nog was, en dat het dus alleen ‘even’ met dikke PIR-platen hoefde te worden geïsoleerd. Vanwege de verhuurbaarheid en de subsidie. Hij klom via een ladder in de goot, verwijderde een rij pannen en was als Christus de Verlosser met gestrekte armen op een panlat gaan staan. ‘Kijk en trek je conclusies’, riep De Bom, alvorens met geraas te verdwijnen in de boerderij. Het publiek trok zijn conclusies: hier lag meerwerk op de loer. Daarna brak de BHV’er van dienst zich door de nog gesloten darsdeuren, trok een kermende De Bom in de stabiele zijligging en liet zich verder instrueren door Sneefhuijzen. Die verzocht De Bom om van zijn luie reet te komen en zich verder te onthouden van motiverende acties. En te zorgen voor een nieuwe telefoon als hij nog bij het project betrokken wenste te blijven. Sneef is een daadkrachtig type en kan heel goed zonder De Bom. Helaas kan hij ook zonder veiligheidsadviezen van mij of van andere bemoeizuchtige deskundigen.

Ondanks het zo kleurrijk beschreven incident vond Sneef het nog steeds niet nodig om mij te betrekken bij het project. Ongetwijfeld omdat ik de boel alleen maar zou ophouden met mijn ongevallenonderzoek en taakrisicoanalyses. Hij voegde zelf de versteviging van de sporenkap toe aan de projectplannen. Sneefhuijzen verknipte en herplakte het V&G-plan van project A – waarin dakvervanging al was opgenomen – tot een nieuw plan voor B en was binnen anderhalf uur klaar voor de nieuwe start.

Wegens coronadrukte en oplaaiende particuliere verbouwingsdrift waren containers en steigers beperkt beschikbaar, wat werd opgelost door dakpanpuin en sloophout tijdelijk op te tasten in de voormalige moestuin. De veilige werkplekken op hoogte werden gerealiseerd met gestapelde landbouwkarren (tot 2,5 meter geen maatregelen vereist) en met een nog net goedgekeurde personenwerkbak aan een verreiker. Ik heb Sneefhuizen dus niet op de hoogte kunnen stellen van de aanpassingen in Arbobesluit artikel 7.23b per 1 julij 2020, waardoor verreikers en heftrucks met personenwerkbakken niet meer zijn toegestaan, ook niet met keuringssticker.

Preventiemedewerker Diesel Tinus dacht bij project A het goede voorbeeld te geven met zijn driedelige uitschuifladder met kruiwagenwielen aan het einde. De imperiaal op de Canta deed dienst als stevige verankering van de onderzijde van de ladder, wat bijna mis ging toen er friet gehaald moest worden bij De Harige Boomstam. Waarnemend veiligheidsfunctionaris Diesel Tinus had al genoeg aan zijn broze hoofd en bemoeide zich dus niet met project B. De asbestzaken en hoogwerkrisico’s dáár waren het pakkie-an van De Bom en Sneefhuijzen. En stel je voor dat zijn ouwelullendag en de zwaar bevochten OR-taakuren in gevaar zouden komen.

Zo kon het gebeuren dat er vele honderden zwarte en rode Muldenpannen tussen de fruitbomen en de doorgeschoten prei ploften zonder TRA of veiligheidskundige inmenging. Staande met drie man tegelijk op een ladder of in een verboden werkbak aan een verreiker. Om nog maar niet te spreken van de klasse-1-asbestsanering bij project B, tijdens de avondschemering uitgevoerd door Gerrit en Arie. Gerrit en Arie zijn bijna met pensioen en leiden aan zoveel kwalen dat een beetje asbest er ook nog wel bij kan zonder in te hoeven leveren op hun Quality Adjusted Life Years. De riante, contant uitbetaalde gevarentoeslag smoorde elk bezwaar. Het dakbeschot, bestaande uit broze, vuilgrijze beplating rond de twee scheve schoorstenen op boerderij B verdween via de rimpelige handen van G&A ( - is tóch voordeliger) in grote boodschappentassen die tot nader order in het varkenshok op het achtererf werden geplaatst. Ik vermoed dat De Bom vertrouwt op De Asbestknaller (gecertificeerd voor alles) voor de verantwoorde afvoer, te regelen via Sjef Scheurwater als die terug is uit Frankrijk.

Ik ben blij dat ik project A pas in de herbouwfase heb aanschouwd, toen men reeds met bladblazers honderd jaar stof had verplaatst en zich daarbij meerdere malen verwond had aan de tot vlijmscherpe punten afgeroeste draadnagels waar ooit de tengels en de panlatten mee vast hadden gezeten. De verbandtrommel uit de keet lag leeg tussen het dakpanpuin. Inmiddels was er zo veel regen gevallen dat er geen aerosol meer in de lucht zat. Het stof bevond zich niet meer tussen de krokante oplangen, het doorgeroeste kippengaas en het gebitumeerde papier vol PAK’s, maar in het rustieke interieur en op de belendende percelen. Zelfs de steenmarters, uilen, vleermuizen en kleiner gedierte waren, met uitwerpselen en al, naar een nieuw biotoop geblazen. Vooral beschermde diersoorten kunnen niet vlug genoeg worden weggewerkt, want een enkele korenwolf of zeggekorfslak legt zó je project plat en dan mag Gortworst de compensatieregelingen weer gaan uitnutten.

PurrrrrIn grote haast waren Diesel Tinus, Mo en Erdal bezig de PIR-beplating aan te purren. Een beetje regen bevordert de hechting aan wormstekige sporen (ook aan vingers, overalls en shagjes) en dat bespaart weer fors op ijzeren bevestigingsmateriaal. De stijfheid der PIR-platen zou wel korte metten maken met de door de welstandscommissie bewaakte karakteristiek-historische zeeg tussen het gebinte, maar met wat mazzel zou de boel onder de last van de nieuwe pannen doeltreffend nazakken. Zonder geluk vaart niemand wel (‘en blijft de eikel in zijn vel’, zou de lasserij er snedig aan hebben toegevoegd, waarvoor mijn excuses).

Flip kwam, zag en droop pijlsnel af. Het was mij in mijn ijlbriefing van twee zinnen immers duidelijk te kennen gegeven dat ik in de vakantieperiode verantwoordelijk was voor de productie in de werkplaatsen en van projecten A en B had ik officieel geen weet: ‘De Reede, jij runt de toko. En je bemoeit je alleen met de fabriek, zonder je eeuwige gezeik over de veiligheid.’ Daarom weet ik thans niets van enige overtreding die door de buitendienst zou zijn begaan, waarvan akte. Maar ik had nooit gedacht dat een bedrijf zó diep kon zinken.

Tot over een maand, als de Inspectie SZW dan nog niet is langsgekomen, want dan ben ik even druk.
Home
Cookies zijn essentieel voor een goede werking van deveiligheidskundige.nl. Door op oké te klikken geeft u toestemming voor het gebruik van cookies op deze website.